Gerda Ranzijn

N

adat ik als 6 jarige verkleed als prinses in volle vaart tegen een lantaarnpaal liep besloot ik dat ik niet geschikt was voor prinses. Prinsessen lopen niet tegen palen aan. Nu is prinses worden, los van de vraag of je dat moet willen, niet het meest realistische toekomstplan, maar dat terzijde. Ik wilde ook ooit sportleraar worden en vond mezelf niet slim genoeg voor die opleiding. Natuurlijk was ik gewoon bang.

Wij mensen vinden vaak dat we ergens niet geschikt voor zijn als er iets “mis” gaat. Als je niet meteen iets heel goed kunt. Onze gedachten en ja dus ook de mijne houden ons vaak weg van onze dromen en verlangens. Ze voorspellen rampspoed, falen, afwijzing, mislukking etcetera. En dus wachten we tot we alles op een rijtje hebben. Tot alles klopt…

Wij nemen ons brein veel en veel te serieus. Naast de echte gevaren, waarschuwt het ons met ontzettend veel blabla om ons te weerhouden een risico te nemen.

Er was nog een ander verlangen dat later vorm kreeg. Zolang ik mij kan herinneren vraag ik mij af waarom mensen zijn zoals ze zijn en doen wat ze doen. Na het nodige zelfonderzoek begon ik enthousiast en met knikkende knieën aan de opleiding Sociaal Pedagogisch Hulpverlening (SPH). In die periode heb ik vooral gewerkt met jongeren. Sinds de opleiding tot Psychosociaal (ACT) Therapeut en IBCT relatietherapeut ben ik mij meer gaan richten op volwassenen. En wat ik altijd al deed past mij nog steeds, alleen doe ik het nu op een professionele wijze en vanuit de zienswijze van ACT.

Op mijn 36e kreeg ik de diagnose ADHD. Even leek er veel op zijn plek te vallen, maar inmiddels zegt die diagnose mij niet zoveel. Ooit was het een manier om mijn weg naar zelfacceptatie te beginnen. Tegelijk was het een stempel dat zei dat er iets mis met was mij.

In de GGZ wordt gedrag gediagnosticeerd vanuit het idee dat er iets mis is. Iemand heeft een stoornis dat bepaald gedrag verklaard. Bij ACT gaan we er vanuit dat al het gedrag een normale reactie is op wat iemand meemaakt en ervaart.

Zo leren we al vroeg om ons gedrag aan te passen aan onze omgeving. Dit is hoe we overleven en onszelf beschermen. Zo leren we te glimlachen omdat mensen dan aardiger zijn, stil te zijn om escalatie te voorkomen, ons beste best te doen omdat we dan goed genoeg zijn, maar wat je vooral leert is jezelf te onderdrukken tot je het onderscheid niet meer kent tussen wie je bent en hoe je je voordoet.

Hoe onze omgeving op ons reageert vertalen wij naar het beeld dat we van onszelf hebben. Gelukkig weet ik inmiddels dat er niets mis is met mij. Ik ben wie ik ben en ik hoef niets te veranderen aan mezelf. Wat een verademing is dat.

Nog steeds ben ik vaak all over the place en tegelijk kan ik in diepe concentratie bergen werk verzetten. Wat ik nu vooral ben is blij met mezelf. En dat gun ik iedereen. Het geluk van jezelf waarderen en jezelf mogen zijn.

Als therapeut is het mijn doel om voor jou een veilige omgeving te creëren waar je op zoek kunt gaan naar wat belangrijk is voor jou, hoe jij wilt leven en hoe je dit vorm kunt geven.

Gerda

Outdoor met Yuki

Knus met Mexx